Terug van vakantie: journalisten blazen het stof van hun toetsen en studenten slijpen hun potloden. Na de onthaasting lijkt alles weer sneller, korter, nieuwer te moeten, desnoods op het grove af.
(Piet Kaashoek)
Geen klaagzang dat er vroeger in de media betere schrijvers waren. Of dat de huidige generatie journalisten volstrekt niet in staat is twee correcte volzinnen achter elkaar te zetten. Wel een korte inventarisatie wat de voorbije vijftig jaar in de taal is veranderd. Wat de taal van Philip Bloemendal in de jaren vijftig en zestig zo anders maakte. En waarom interviewers van nu zich soms beperken tot slechts het nevenschikkend voegwoord ' want'. Of hoe het kortheidssyndroom zich in de journalistiek heeft genesteld. Of waarom sporthelden zich hullen in het vals bescheidenheids pronomen 'je'. En waar komen de nieuwe woorden tegenwoordig vooral vandaan?
Kortst
Waar komt toch de drang vandaan berichten zo kort mogelijk op te schrijven?
Vermakelijk in beeld en woord gebracht in een van de Suskes en Wiskes: een echtpaar
bekvecht over een reclamebord aan de pui van hun viswinkel. De eerste versie
van de tekst ' Heden verse vis te koop' verwordt in enkele plaatjes tot niets,
tot vislucht. Want heden kan eruit, omdat het bij opening altijd heden is. Te
koop is logisch voor een winkel, dus kan het eruit. Verse waar is voorwaarde.
En vis ruik je op afstand. Waarom zo weinig taal en tekst in de moderne journalistiek?
Hans Bennis, hoogleraar taalkunde en directeur van het P.J. Meertens Instituut
(Amsterdam): " Korte zinnen brengen in krant, op radio en televisie de
boodschap meestal helder over. Doel van mediaproducenten is aandacht vasthouden.
Bovendien bedienen jongeren zich steeds meer van MSN-taal. Zij schrijven al
bijna in steno. Dat geldt zeker voor de treinkrantjes, 's ochtends. Die pak
je even. En je legt ze even gemakkelijk terzijde. Een korte zin is meestal begrijpelijker
dan een langere. Opleidingen journalistiek promoten een dergelijke schrijfstijl.
Studenten nemen het stijladvies kort schrijven over, zonder echter het genot
van de volzin te smaken."
Kankerjood en
geitenneuker
De norm van taalgebruik lijkt te zijn 'alles moet kunnen'. Kankerjood op de
tribunes en in het sportkatern. Geitenneuker in de columns van wijlen Theo van
Gogh. Het ziet ernaar uit dat taalgebruik is gedemocratiseerd. Als Volkskrantcolumnist
Jan Blokker in zijn wekelijkse stukje eens een scheld- of schuttingwoord gebruikte,
dan was dat in de jaren zestig en zeventig als een steen in de vijver. Even
een rimpeling, maar steeds meer lezers namen er geen aanstoot aan. Hoogleraar
lexicografie Piet van Sterkenburg, de geestelijke vader van de nieuwe editie
van de dikke Van Dale die op 18 oktober dit jaar verschijnt: " De invloed
van de disk jockey's is niet te onderschatten. Zeiden ze aanvankelijk dat iemand
door het lint ging, nu worden ook woorden als lullig en gekut gebruikt. Het
is kennelijk niet langer vulgair deze begrippen ook in de journalistiek te gebruiken.
Wat ik in toenemende mate in spreektaal tegenkom is de overtreffende trap. Zo
van: Krijg de kleretyfuspokken. Het zijn stapelvormen. Opvallend is dat taalgebruikers,
in alle talen, dus ook in het Nederlands steeds minder scrupuleus zijn. "
E-journalistiek
Verder wijst de superwoordenboekmaker op emotiewoorden. De e-journalistiek is
tegenwoordig niet meer weg te denken. Mensen hebben kennelijk steeds meer behoefte
zich te ontladen. Dat kan door fysiek geweld zijn of met verbale agressie als
uitlaatklep. Van Sterkenburg: " Mensen zoeken woorden in de taboedomeinen,
zoals ziektes en seks. Geitenneuker en eikel zijn goede voorbeelden. Deze woorden
hebben een volstrekt negatieve connotatie en ze kleineren. De betekenis van
deze begrippen is tevens overdrachtelijk bedoeld."
In de spreektaal, met name in de techniek van het interviewen ziet Van Sterkenburg
een belangrijke verschuiving: was er vroeger de vraag, tegenwoordig bedienen
journalisten zich vaker van nevenschikkende voegwoorden als vraagvorm. Zegt
sportverslaggever Mart Smeets, gaande een interview: " .... want...."
. Hij veronderstelt dan dat de geïnterviewde met het belangrijkste argument
komt, bijvoorbeeld waarom de sportman of - vrouw in kwestie juist niet koos
voor het grote geld, maar voor de sport zelve.
Verder is in sportverslagen is een duidelijke toename van de spreeksnelheid
te constateren (van 147 naar 185 woorden). De taalkundige Hans Van de Velde
(Universiteit Utrecht) heeft onderzoek gedaan naar de variatie en verandering
in het gesproken Nederlands in de periode 1935 - 1993. Van de Velde: "Ik
heb in mijn proefschrift gekeken naar de gemiddelde uitingslengte in koninklijke
verslagen en in sportverslagen tussen 1935 en 1993. Wat stel ik vast in Nederland?
Bij sportverslagen geen verandering; schommelt rond de 8 woorden. Bij koninklijke
reportages een lichte daling (van 11 naar 9
woorden). Die verkorting lijkt vooral een schrijftaalfenomeen te zijn."
' Blaif bai mai'
Volstrekt uniek is het verschijnsel dat in de uitspraak, dus ook die op radio
en televisie, de zogenaamde diftong (ij) in korte tijd is veranderd in ai. De
taalkundige Jan Stroop heeft erop gewezen en noemde het fenomeen poldernederlands.
Hans Van de Velde ontdekte belangrijke verschuivingen in de klankontwikkeling
van het gesproken Nederlands: de v - f , de s - z, de ij - ai en de r - ar.
Philip Bloemendal zou zich in zijn graf omdraaien bij het horen van zinnen van
voetbalverslaggever Eddy Poelman: "Fan der Zar
, Fan der Zar, blaif
in je kool." En wat te denken als 'Traintje' Oosterhuis zingt: ' Blaif
bai mai? " Hans Van de Velde: " Deze tendens, de veranderingen van
v - s, van ij - ai, is niet te keren. Ik zie een versnelling optreden, de laatste
jaren. Maar wat wil je ook: de omroepen zijn gedemocratiseerd. De gewone man
als interviewkandidaat is ontdekt. Zelfs Sacha de Boer die als presentatrice
van het NOS Journaal een voorbeeldfunctie heeft, 'bezondigt' zich eraan."
Een verklaring van het fenomeen Gooise -r (zekar
zekar) is volgens Van
de Velde het succes van Kinderen voor Kinderen. "Volgens mij is media-invloed
bij taalverandering kleiner dan gedacht. Alle kinderen zingen die Hilversumse
liedjes na. Van jongs af aan worden deze andere klanken erin geramd. Logisch
dat de Gooise -r de norm wordt "
'Steekpassje'
Voetballer hebben de gewoonte in een interview in de tweede persoon enkelvoud
te spreken: "Je komt in de zestien en je geeft een steekpassje." Prof.
Dr. Hans Bennis: "Dat is het valse bescheidenheids pronomen. Het is de
bedoeling van de spreker het woord 'ik' te vermijden. Het zijn meestal ego's
van heb ik jou daar. Ik denk dat de verklaring is dat voetballers en andere
topsporters registers van elkaar overnemen. Elkaar na-apen dus."
Zielenknijper
Bij het overlijden van Marten Toonder op 27 juli dit jaar bleek dat de schepper
van onder meer Ollie B. Bommel en kapitein Kappie tevens de geestelijke vader
is geweest van nieuwe woorden als denkraam, kommer en kwel, minkukel en zielenknijper.
Al deze begrippen zijn verankerd in het Nederlands. Er is volgens hoogleraar
Van Sterkenburg thans een tendens dat de nieuwe editie van de dikke Van Dale
twaalf tot dertien procent meer leenworden bevat dan de vorige druk. Van Sterkenburg:
"Er zijn heel wat nieuwe woorden ontleend aan het Engels en aan de computer.
En wat mij enigszins verraste: er zijn nogal wat golfwoorden bijgekomen. Golfen
is van de gewone man geworden. Ook daar laat de taal een democratiserend effect
zien."
Geraadpleegd:
H. Bennis
e.a. (2004), Verandering en verloedering; Normen en waarden in het Nederlands,
Amsterdam University Press: Amsterdam (ISBN 90 5356 665 1)
G. Geerts e.a. (1984), Algemeen Nederlands Spraakkunst, Wolters-Noordhoff: Groningen
(ISBN 90 01-33496 2)
P. van Sterkenburg (20012), Vloeken. Een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie
en frustratie, Sdu Uitgevers: Den Haag (ISBN 90 12 09026 1)
P. van Sterkenburg (1989), Taal van het Journaal. Een momentopname van hedendaags
Nederlands, Sdu Uitegevers: Den Haag (ISBN 90 12 06532 1)
H. Van de Velde (1996), Variatie en verandering in het gesproken Standaard-Nederlands
(1935-1933), Katholieke Universiteit Nijmegen: Nijmegen (proefschrift) (ISBN
90-9009218-8)