Leger
weerbaarder met piercings,
oorbellen en tatoo's!
Nederland
heeft een leger om door een ringetje te halen. Stront aan de knikker in Eritrea?
Zo’n duizend vechtjassen van minister
van Oorlog Frank de Grave en zijn
hulpje, staatssecretaris Slats van Hoof, vliegen erop af. Vanaf 14 mei gebeurt dat weliswaar met de
Luftwaffe. DeVVD-bewindspersoon zette, op
de dag dat de Duitsers ruim zestig jaar
geleden Rotterdam bombardeerden, een
handtekening onder een airlift contract. Voor honderd miljoen per jaar mogen
Nederlandse blauwhelmen met de oosterburen mee.
Waarom
is het duo Frank & Slats zó met het leger bezig? Dit span wil
simpel gesteld onze nationale, militaire
prestaties, in internationaal verband uitgevoerd, oppoetsen.
Nederland BV in het post-Sebrenica-tijdperk weer op de kaart zetten. Ons
imago als natie van losers doen verbleken. Om dat doel te bereiken
verwijdert dit tweetal binnenkort ringen door tepels of andere lichaamsdelen,
piercings in lip of door tong , kettingen waar dan ook, oorbellen,
en tatoo's. Het militaire lichaam (m/v) moet schoon sneuvelen.
Ik voorzie dat dit plan niet gaat lukken. Sterker nog:
Dat het veel slimmer is gratis lichaamsversieringen van overheidswege te
verstrekken. Ik bepleit zelfs een
Body Shop for Soldiers (BSS), aanwezig in alle kazernes van dit land.
Waarom? Hoe dat zo?
Wie wel
eens een piercing heeft laten zetten, weet dat de pijn kort en heftig is. Soms
is het leed meteen geleden, maar vaker nog wordt de plek van het doorboorde
lichaamsdeel vuurrood. Wondkoorts, zal ik maar zeggen. Dat is voor militairen
een bijzonder zinvolle ervaring. Een kogel of een granaatscherf op het slagveld
heeft hetzelfde effect. Gewenning dus. Vooraf gepierced, geschroeid, geïmplanteerd
maakt manschappen harder, weerbaarder. Uit een oogpunt van voorbereiding
op internationale uitzending en dito verwondingen is een dergelijke
ingreep van levensbelang voor personeel dat onder Defensie valt.
Dan
oorbellen. Die doen het goed in heel Afrika. Ik ken geen continent
waar mannen en vrouwen met grotere lellen lopen. Komen de bleekscheten
uit het hoge noorden in deze warme contreien toezicht houden, en dragen ze
evenals de autochtonen van dergelijke grote ijzers
in hun oren, dan is acceptatie een kwestie van seconden. Voor soldaten
zijn oorversieringen onmisbare attributen om zich internationaal te kunnen
handhaven. Vóór uitzending in de kazerne gratis gaatjes prikken dus. Uit een
oogpunt van integratie van de
Nederlandse soldaat te velde met de
Afrikaanse inboorlingen essentiële handelingen.
Ten
slotte tatoo’s. Iedere militair
moet zich bij tijd en wijle camoufleren. Werd er vroeger een potje met zwart vet
tevoorschijn getoverd, nu is er de gezichtstatoeage. Zeker weten dat
Nederlandse Tatoo Bob’s
erin slagen een blijvende, onuitwisbare gezichtsversiering aan te brengen. Die
bij nacht en ontij bescherming biedt tegen vijanden. Die onze dappere jongens en
meiden tot echte Rambo’s en Rambi’s maakt. Een tatoo over het
hele gezicht als beschermingsfactor twintig.
Wat
moeten onze helden die internationaal de kastanjes uit het vuur halen van
Defensie eisen? Een of meer gratis
stukjes chirurgisch staal door tepel, wenkbrauw of ander lichaamsdeel als
gewenningsfactor. Een doosje vrij
ter beschikking gestelde oorbellen, groot formaat, als integratiefactor. Een
donkere gezichtstatoeage voor de mannen en een wat vrolijker voor de vrouwen als
beschermingsfactor tegen onheil van buiten. Wedden dat Nederlandse soldaten
dan gewilde exportartikelen zijn!
Piet
Kaashoek