Rotterdam, …. stem tegen!
Ben je asielzoeker, op de vlucht en bevreesd voor lijf en leden? “Jammer voor
je.” Kun je niet meer werken, doordat kanker je lichaam aanvreet? “Geen WAO,
pech gehad.” Wil je als vluchtelingkind dat je vader en je moeder hier
ook wonen? “Mooi niet, want jij gaat per kerende post retour naar Iran
of Afghanistan.”
Wat gaat er na 6 maart, verkiezingsdag gemeenteraad,
gebeuren, in de grootste havenstad ter wereld en in de rest van het land?
De eerste drie dagen van extreemrechtse
geFortuyneerden gaan er zo uit zien, ALS ze winnen.
Dag twee: Het blokhoofd van de nieuwe politieke
stroming beslist dat er wekelijks Fortuyn-avonden worden gehouden. Te beginnen
aan de Coolsingel, met zang en dans. De muzikale omlijsting is in handen van de
Oostenrijkse vrinden. Meestentijds aanwezig
in het uniform van Jörg, de pas
gekozen Führer uit het wel zeer bevriende Alpenland, dat zo met ons is
verbroederd. De Vlaamse kornuiten worden stamgasten. Die kunnen overigens
geweldig pim-pam-petten. Met Tien voor taal winnen ze altijd! Goed van ze, dat
zij in het bijzonder scheldwoorden
kunnen bedenken, eindigend op allochtoon. Houzee, houzee, houzee!
Dag drie: De goeroe zelf zwaait in de haven vluchtelingen uit. Het is een
mistige dag. Het kan geen toeval zijn, maar ik geloof dat het 4 mei is, de dag
waarop vroeger Dodenherdenking viel. Maar ja, nieuwe Tijden, nieuwe Heren,
nieuwe Wetten. Een volle boot vaart
naar Hoek van Holland. Waarheen? Waarheen?
Waarheen? Vast naar Nergistan. Naar het eiland der vergetelheid. Naar het
gedroomde paradijs in de verte. Waar kabouters van de verdraagzaamheid wonen.
Waar nog mensen bijeen zijn met een hart en met gezond verstand. Waar het
gewone volk leeft. Waar iemand onaangekondigd kan aanschuiven die honger heeft.
Waar gezelligheid en hartelijkheid tellen.
Rotterdammers, daar ben ik zeker van,
laten het zo ver niet komen. Dit volk van
ruwe bolsters en van hun blanke pitten laten zich niet commanderen.
Vroeger niet, nooit niet. Zij stropen de mouwen op, in het stemhokje.
Hand in hand, kameraden. Houd de ratten in hun riolen.
Stem …. tegen!
Piet Kaashoek