Schrijven is een vak. Sinds 1965 zijn in Nederland Hogescholen voor Journalistiek actief, waar studenten het ambacht van schrijver leren. De jonge garde maakt (nieuws)verhalen voor schrijvende pers (krant, tijdschrift), produceert teksten voor gesproken vormen van journalistiek (radio, televisie) en fabriceert html-pagina’s voor internet.
Behalve de productie van journalistiek werk bestaat sinds jaar en dag de controle op de kopijstroom. Dat gebeurt meestal in de praktijk door een ervaren collega of op school door een docent. Iemand met ervaring die kan aangeven wat eraan schort. Zo’n eindredacteur wil wel eens een ongelooflijke botterik zijn. Die voortdurend roept: ‘Dat kan zó niet’, ‘Praat gewoon!’ of ‘ Vasthouden… die surfers!’ Kunnen ‘journalistieke’ schrijvers én controleurs likkebaardend hun hartjes ophalen met (opnieuw) uitgebrachte publicaties als Handboek Stijl, Schrijfwijzer of Gids voor de eindredacteur?
Om met het laatste boek te beginnen: Het telt zes hoofdstukken, geordend van detail (spelling, interpunctie) naar groter geheel, naar tekstsoort. In het eerste hoofdstuk schetst samensteller Wim Daniëls 25 ijk- of aandachtspunten die voor het beoordelen van tekstkwaliteit van belang zijn. Onderwerpen als spelling, interpunctie, vormgeving, woordkeus, zinsbouw, stijlharmonie, begrijpelijkheid, tekstverbanden, maar ook toepassing van tekstsoortregels passeren de revue.
Wat heeft een eindredacteur van een krant - want die behoort tot zijn doelgroep - aan de wijsheden van Daniëls? Hij wijst op pag. 141 terecht op tegenstrijdige opvattingen over het nieuwsbericht – journalistiek genre bij uitstek - in stijlgidsen van kranten (NRC Handelsblad, de Volkskrant en Trouw). Eindredacteur Daniëls: “Ondanks de verschillen en onduidelijkheden die er bij tekstsoortregels kunnen zijn, is er bij veel tekstsoorten toch ook wel enige consensus over de te hanteren regels.” Goeie genade, dacht ik. Hoe leg je dat aan studenten journalistiek of aan ervaren eindredacteuren uit? Geef mij dan maar eens de consensusregels van het nieuwsbericht! En die zijn voorhanden in stijlboeken van kranten en in literatuur over het vak.
Twee stijlboeken, oudjes, zijn opgelapt. Schrijfwijzer is gedeeltelijk herschreven en Handboek Stijl heeft slechts een goedkoper jasje gekregen. Renkema schrijft op pag. 11 dat de vierde druk van Schrijfwijzer: “ (…) is geordend in teksteenheden van ongeveer een ‘beeldschermomvang’.” Zouden journalistieke webschrijvers in dit boek aan hun trekken komen, vroeg ik mij nieuwsgierig af? Nee, slechts de spelling (I)(i)nternet stelt deze auteur aan de orde. De hoofdstukken waarop Renkema de lezer trakteert, na de inleiding, zijn gerubriceerd van algemeen naar gedetailleerd. Van tekstmodel naar het einde, naar de punt. Bij teksttype (in termen van Daniëls ‘tekstsoortregels’) draait het bij Renkema om geschiktheid, genrezuiverheid en toepassing van de genreregels. Heel algemeen allemaal. Nog gezocht naar (nieuws)bericht of andere journalistieke voorbeelden. De index geeft geen verwijzing.
De tweede, ongewijzigde editie van Handboek Stijl presenteren Peter Burger en Jaap de Jong als adviesboek. Hoofdstuktitels als ‘van ingeving tot uitgave’, ‘schrijf concreet, beeldend, menselijk, duidelijk en bondig’ duiden op algemeen bekende stijldeugden. Tot de doelgroep rekenen Burger en De Jong diegenen die stukken, reportages, columns, opinieartikelen en reisverhalen maken voor vakbladen, personeelskranten en clubblaadjes. Op pag. 342-343 bespreken zij het nieuwsbericht. En wat staat daar? “ (…) Som eerst de belangrijkste nieuwsfeiten op, en verschaf in de volgende alinea’s telkens meer details, zodat de gegevens met de minste nieuwswaarde in de laatste alinea terechtkomen.”
Dat mag in het algemeen voor een krant gelden, maar voor radio-, televisie- en internetnieuwsberichten zijn toch andere regels in zwang. Bij gesproken en in virtuele media wil de consument worden verleid tot kijken, luisteren of verder lezen. De attentiewaarde van openingszin is bepalend voor een mogelijk vervolgactie van de kant van de consument van het journalistieke product.
Een boek over
stijl, schrijven, taal, vormgeving,
gericht op het journalistieke vak in al zijn verschijningsvormen
(schrijvende pers, gesproken media én vormen als kabelkrant, teksttelevisie,
teletekst en internet) ben ik niet
tegengekomen. Journalisten in Nederland zoeken vergeefs naar hét journalistieke
schrijfadviesboek.
Piet Kaashoek
W. Daniëls, Gids voor de eindredacteur, L.J. Veen, 2002, ISBN 9020420562, pag. 157, € 16,50
J. Renkema, Schrijfwijzer, Sdu, Den Haag, 20024. ISBN 9012090237, pag. 468, € 29,95
P. Burger / Jaap de Jong, Handboek Stijl, Sdu, Den Haag, 2002 (her). ISBN 9012094828, pag. 485, € 25,00